|
Kantonrechters kennen aan werknemers ontslagvergoedingen toe bij ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Hierbij hanteren rechters de kantonrechtersformule. De vraag is welke looncomponenten meetellen bij het bepalen van de ontslagvergoeding.
De zaak Een bedrijf dat al een paar jaar verlies lijdt, is genoodzaakt te bezuinigen op personeelskosten. Voor een medewerker financiƫle planningen, wordt door de werkgever ontbinding van de arbeidsovereenkomst verzocht op basis van bedrijfseconomische omstandigheden. De functie van de betreffende medewerker vervalt en er is geen uitwisselbare functie beschikbaar, betoogt de werkgever bij de kantonrechter.
De medewerker maakt aanspraak op een ontslagvergoeding waarbij ook zijn provisie-inkomsten worden meegerekend en niet slechts zijn bruto maandsalaris en vakantietoeslag.
De uitspraak De kantonrechter oordeelt dat de werkgever voldoende heeft aangetoond dat er sprake is van bedrijfseconomische omstandigheden waardoor de functie van de medewerker wordt opgeheven. Er wordt aan de medewerker een vergoeding toegkend. De provisie telt echter niet mee bij het bepalen van de ontslagvergoeding omdat het geen structureel loononderdeel is maar deels een targetafhankelijke provisie.
Toelichting De B-factor in de ontslagvergoeding wordt berekend op basis van het bruto maandsalaris, plus de vaste overeengekomen looncomponenten zoals vakantietoeslag, vaste dertiende maand, structurele overwerkvergoeding en een vaste ploegendienst. Zaken als het werkgeversdeel in de pensioenpremie, auto van de zaak, onkostenvergoedingen en de werkgeversbijdrage zorgverzekeringspremie worden niet meegerekend. Als een aanzienlijk deel van de inkomsten van een werknemer bestaat uit provisie, dan kunnen deze inkomsten meetellen mits ze structureel zijn.
|